Onmiddellijk bij binnenkomst kijkt Jan Vanriet je vanaf een zelfportret aan. Soms duurt het even voordat je het déclic maakt, maar dikwijls is het je in één oogopslag duidelijk waarom de werken naast elkaar hangen zoals ze naast elkaar hangen. Neem De twee lentes (1910) van Gustave Van de Woestyne, met daarnaast een nieuw vrouwenportret van Vanriet zelve (hierboven). Die doeken zijn ontegenzeglijk verwánt.